« Et les ombres chères surgissent… »

Vidit, Jean-Pierre

1996-04-01

Articles papier

Résumé

La notion de névrose infantile recèle une certaine confusion sémantique selon qu’on la réfère au concept issu des travaux de FREUD ou qu’on y voit une indication visant à stigmatiser la pathologie infantile.

A l’intérieur du concept même ; l’ambiguïté est grande qui tient au choix très oedipien que fait FREUD quant au champ d’application de cette notion. L’idée de névrose infantile apparait alors comme une fiction de l’histoire personnelle de FREUD et les ambiguïtés qui s’en dégagent comme autant de points aveugles de cette histoire.

L’histoire clinique du Petit Hans permet de voir les limites de cette approche ainsi que les prolongations qui peuvent en être tirées dès lors que le concept n’est plus un cadre étroit et restrictif mais un outil qui pousse à l’interrogation.

Samenvatting

Het begrip infantiele neurose leidt tot een zekere semantische verwarring. Ofwel verwijst men naar de betekenis die uit de werken van Freud naar voor komt, ofwel legt men er een soort stigmatiserende verwijzing in naar een infantiele pathologie.

Binnen het begrip zelf vinden we bovendien een uitgesproken tweeslachtigheid terug. Deze is te wijten aan de duidelijke keuze van Freud om deze notie in het oedipale domein te situeren.

De idee van de infantiele neurose neemt dan de vorm aan van een fictief verhaal dat teruggaat op de persoonlijke levensgeschiedenis van Freud. Daaraan zitten een aantal dubbelzinnigheden vast die zovele blinde vlekken zijn die in dit verhaal geslopen zijn.

Het klinisch relaas van "De Kleine Hans" toont de beperkingen van deze benadering aan. Er blijkt ook duidelijk uit dat we er verdere besluiten kunnen uit trekken op voorwaarde het begrip niet meer op te vatten als een eng en beperkend kader maar als een werktuig waarmee we verdere problemen kunnen onderzoeken.

Summary

The notion of infantile neurosis contains a certain semantic confusion according to whether one refers to the concept issuing from Freud's work or if one discerns an indication aiming to stigmatise infantile pathology.

Within the concept itself there is considerable ambiguity linked to the very Oedipal choice which Freud made concerning the field of application of this notion. The idea of infantile neurosis then appears as a fiction of Freud's personal history and the ambiguities which stem from this as so many blind spots in this history.

The clinical history of Little Hans permits us to see the limits of this approach as well as what may be further drawn from it, the moment that the concept is not longer a narrow and restrictive framework but a tool which stimulates questioning.